Het parlement van Catalonië heeft de regulering van de vastgoedmarkt aangescherpt om de ontsnappingsroutes naar prijsbeheersing met de zogenaamde “seizoensverhuur” te sluiten. Volgens de nieuwe verordening die deze donderdag is goedgekeurd in de Catalaanse kamer, zal tijdelijke verhuur niet langer worden beschouwd als “seizoensgebonden” voor juridische doeleinden en zal deze onder dezelfde regels vallen als reguliere huisvesting.
Deze wijziging betekent dat deze contracten, ongeacht hun duur, onderworpen zullen zijn aan de prijsreferentie-index in gebieden die onder druk staan en dat verhuurders niet langer onder het mom van seizoensgebondenheid een hogere huurprijs kunnen vragen dan wettelijk is vastgesteld.
Wat wordt vanaf nu in Barcelona beschouwd als “seizoensverhuur”?
De verordening beperkt de definitie van seizoensverhuur uitsluitend tot contracten voor “recreatief, vakantie- en toeristisch gebruik”. Als een verhuur in deze categorie valt, is het verplicht om de bijbehorende toeristenbelasting te betalen.
Daarnaast moet de eigenaar de borgsom storten bij het Institut Català del Sòl (Incasòl) met documentatie waarin het vakantiedoel van het contract expliciet wordt bevestigd.
De verordening pakt ook de gesplitste verhuur van woningen aan, een praktijk die in opmars is om prijsplafonds te omzeilen. Voortaan mag bij de verhuur van privékamers de som van de huurprijzen die door alle huurders worden betaald, niet hoger zijn dan het totale plafond dat is vastgesteld voor de woning als geheel volgens de referentie-index.
